Eerste hulp

De geneeskunde van spinachtigen staat nog steeds in haar kinderschoenen, maar vergis u niet… Terwijl menig spin een mysterieuze dood sterft, werken tal van wetenschappers de klok rond om antwoorden te vinden. Met deze pagina wensen we u een beeld te geven van de huidige stand van zaken aangaande de geneeskunde bij spinnen en reiken we u enkele strategieën aan om zorgvuldig eerste hulp te kunnen aanbieden. Desalniettemin raden we u ten stelligste aan professionele hulp in te roepen van zodra interventies te technisch worden. Wees uzelf ervan bewust dat uw goede intenties van geen tel meer zijn als uw aanpak de foutieve blijkt te zijn. Niet minder belangrijk is het feit dat we als hobbyisten een groter steentje zouden mogen bijdragen aan het onderzoek door onze wetenschappers. Meld vreemde sterfgevallen en/of ziektes, houd een logboek bij over uw toegepaste eerste hulp en/of lever overleden dieren over aan professionals. Volg altijd de instructies van de professionals. Uw bijdrage komt iedereen ten goede en al zeker het welzijn van onze diertjes. Namens de hele hobby danken wij u bij voorbaat.

Ben je een hobbyist en heb je een vraag? Contacteer ons of vervoeg onze facebookgroep. Ben je een wetenschapper, geprofessionaliseerd in exotische dieren en ben je ervan overtuigd uw bijdrage te kunnen leveren aan verder onderzoek? Neemt u aub contact met ons op. Wij voegen link en regio toe onderaan deze pagina.

Download de SAMENVATTING VAN DEZE PAGINA (pdf).

Download een hygiëne plan van onze vrienden van arachnomedicine.de.


I. BIOACTIEVE SETUP

Bioactieve terraria leveren een bodem die helpt bij het afbreken van afvalproducten. Deze levende bodem bevat microfauna, bacteriën, schimmels en echte planten. Al deze aspecten samen zorgen ervoor dat er een perfect gebalanceerd ecosysteem ontstaat. Meelwormen, superwormen en kakkerlakken doen hun job in vele terraria, zij het dat deze ten prooi zouden vallen van onze spinnen. Geschikter zijn pissebedden (Trichorhina tomentosa, Porcellio scaber, Porcellio spinicornis) en springstaartjes (Collembola spp.). Pissebedden zijn detrivoren en herbivoren, wat met zich meebrengt dat ze dood organisch materiaal (rottende planten of dieren), uitwerpselen, rottend hout, bladeren en een variëteit aan fruitsoorten nuttigen. Springstaartjes zijn evenwel detrivoren, maar ook microbivoren. Ze doen zich tegoed aan afvalproduten, rottend organisch materiaal, schimmels, sporen, bacteriën en een variëteit aan planten. Beide dieren dragen hun onmisbaar steentje bij aan de kringloop van nutriënten. Daar ze zich tegoed doen aan hetzelfde voedsel als saprofytische mijten, komen ze uitermate goed van pas in uw strijd tegen mijtinfecties. Ze verkiezen eerder warme en vochtige omgevingen. In de vochtigere terraria zullen ze zich perfect thuis voelen, waar je ze voornamelijk in de buurt van het waterbakje in drogere terraria zult terugvinden.

Lees meer over bioactieve terraria.

Dwarf tropical woodlice


II. ANESTHESIE

>>> Een instructievideo wordt spoedig geüpload. Kom gauw nog eens een kijkje nemen. 

Leg vers bakpoeder (natriumbicarbonaat) op de bodem van een transparante buis die groot genoeg is om de spin tijdelijk in op te vangen. Gebruik 1 afgestreken theelepel bakpoeder voor de kleinere diertjes. De grotere spinnen mag je er van 2 voorzien. Het deksel moet luchtdicht en schroefbaar zijn. Blokkeer de tube halfweg stevig met een spons en plaats de spin er bovenop. Noch de spons, noch de spin mag zakken gedurende het proces. De spin zou zich lelijk kunnen verbranden. Prik met een spuit doorheen het deksel en de spons en laat een tiental druppels op het bakpoeder vallen. Als reactie zal het bakpoeder beginnen bubbelen en kooldioxide vrijgeven. Dicht het prikgaatje met stevige tape. Laat de spin rusten voor 15 tot 20 minuten. De spin zal in slaap vallen. Hoe groter de spin, hoe langer de wachttijd.

Let wel: Wij adviseren u enkel anesthesie toe te passen als het leven van de spin in gevaar is. Ga dit geenszins voor het plezier uitvoeren. Voorafgaand neem je best contact op met een dierenarts.


III. ACCIDENTEN

Ongelukken staan bovenaan op de lijst van doodsoorzaken. Sommige ongelukjes zijn eerder onschudig, zij het dat velen voorkomen hadden kunnen worden.

III.1. Dehydratatie

Vogelspinnen zijn al bij al vrij gemakkelijk te houden. Het gevaar schuilt hem er echter in dat men de zorg ervoor onderschat. Spinnen worden vaak onvoldoende vers water gegeven, op een zeer incorrecte wijze gevoederd en/of in alles behalve optimale omstandigheden gehuisvest. Dit laatste is vooral van toepassing als men de omgevingsfactoren in de terraria gelijk stelt met die van de locale habitat, zonder verder na te denken over de levenswijze van de spin. Zo graaft de Afrikaanse Pelinobius muticus erg diepe holen om een koelere en vochtigere omgeving op te zoeken. Het gebrek aan dit inzicht kan resulteren in dehydratatie, of erger. Dehydratatie van een gemiddeld niveau laat zich opmerken door toenemende passiviteit en een gerimpeld abdomen. Vaak is het abdomen ook in omvang wat verloren. Ernstige dehydratatie lijdt echter tot complete inactiviteit en deathcurl. Een algemeen aanvaarde en erg vaak toegepaste behandeling is de ICU (Intensive Care Unit). De verzwakte spin wordt op met warm water bevochtigde keukenpapiertjes gelegd, afgesloten van de buitenwereld in een relatief klein bakje (bv. krekelbakje, botervlootje). De spin moet een tikkeltje kunnen drinken van het water, maar maak het zeker niet drassig. De boeklongen moeten te allen tijde vrij blijven. Plaats de ICU op een rustige en donkere plaats. Dit, in combinatie met temperaturen tussen 25-29°C, geeft de spin de ideale omgeving om te herstellen. Een nieuwe ICU is best aangeboden als het vorige droog en/of vuil is. Ervaring leert ons dat gedehydrateerde vogelspinnen kunnen herstellen in 1 tot enkele dagen. Afhankelijk van de ernst kan het langer duren, al staat het uiteraard niet vast dat de spin zal overleven. Stoor het diertje zo weinig mogelijk, maar houd een oogje in het zeil. In het geval van heel ernstige dehydratatie, kan het praktisch zijn om de monddelen van de vogelspin eigenhandig (opgepast) in een ondiep drinkbakje te steken. Deze laatste methode is naar onze mening verkiesbaar boven ICU. Dit citaat Van Danniella Sherwood laat u verstaan waarom: “Taking a spider that is already weakened out of its familiar environment and putting it into a warm and moist tub will do nothing, not to mention ambient humidity has no actual correlation to internal hydration despite many hobbyists regurgitating this information. If a spider is severely dehydrated, what it needs is to be put somewhere where it can drink. Ambient humidity is important for other things, but not for internal hydration, that can only be kept adequate through the spider taking liquids from their food and from drinking water.

Voorkomen is en blijft beter dan genezen. Lees onze gedetailleerde caresheets en leer begrijpen waarom vogelspinnen zich op een bepaalde wijze gedragen. Om dehydratatie te voorkomen is een constante toegang tot vers water, geplande voedertijden en optimale omgevingsfactoren belangrijk.

III.2. Problemen tijdens het vervellen

Met een inflexibel exoskeleton zijn vervellingen noodzakelijk om te groeien. Hoezeer dit proces levensbedreigend kan zijn, wordt dit in de meeste gevallen feilloos uitgevoerd. Voornamelijk oudere, ondervoede en/of onvoldoende gehydrateerde spinnen kunnen ernstige problemen ondervinden tijdens apolysis (voor de vervelling), ecdysis (tijdens de vervelling) en post-ecdysis (na de vervelling). De spin is en blijft de expert, maar in sommige gevallen is interventie noodzakelijk.

III.2.A. Slechte vervellingen

Graag wensen we te verduidelijken dat slechte vervelling resulteren in ongewone consequenties voor de spin. Deze gevolgen kunnen verwaarloosbaar, ernstig tot zelfs levensbedreigend zijn. Een vervelling die veel te lang duurt, maar wel succesvol blijkt, beschouwen we niet als een slechte vervelling. Interventie van de houder kan noodzakelijk zijn. Daar spinnen zich erg bewust zijn van hun omgeving tijdens het vervellen, zijn interventies tijdens de vervelling enkel aangewezen als het leven van de spin aan een zijden draadje hangt. In alle andere gevallen zijn interventies aangewezen na de vervelling. Het is niet ongebruikelijk dat de spin na de vervelling nog een stukje van het oude exoskeleton (bv. rugschild, abdomen, poot) met zich mee draagt. In de meeste gevallen slaagt de spin er zelf in om dit in enkele uren van zich af te schudden. In het andere geval is een lang pincet voldoende om hierbij te helpen. Indien onsuccesvol, zou het kunnen dat de spin in slaap moet worden gedaan van zodra het nieuwe exoskeleton verhard is. Zodoende kun je het oude exoskeleton met een pincet zorgvuldig verwijderen. Neem contact op met een gespecialiseerd dierenarts als je u hier ongemakkelijk bij voelt. Zelden gebeurt het dat de spin vast komt te zitten in haar oude exoskeleton. Als het nieuwe exoskeleton verhardt voordat de spin zich heeft kunnen bevrijden, dan sterft de spin een gruwelijke dood. Ernstig, maar niet onoverkomelijk, zijn misvormde poten ten gevolge van een slechte vervelling. Laat de misvormde poot minstens 2 weken verharden, alvorens de spin te dwingen deze af te werpen. Grijp de femur van de poot stevig vast met een lang pincet. In haar queeste om te overleven, zal de spin de vluchtweg opteren en haar poot zelfstandig afwerpen. Trek geenszins aan de poot (lees ook: autotomie – amputatie). De eerstvolgende vervelling zal de poot teruggroeien, al heeft het meestal wel enkele vervellingen nodig om terug in perfecte conditie te geraken. Vaker voorkomend zijn slechte vervelling ten gevolge van ongewenste omgevingsfactoren. Spinnen die gedurende een te lang tijd slecht gehuisvest worden, kunnen ernstig dehydrateren en bijgevolg problemen tijdens het vervellen ondervinden. Een slechte apolysis laat zich vaak merken in een open wonde aan het abdomen. Plaats de spin geenszins in ICU tijdens de vervelling. Ga de spin evenwel niet besproeien. Hiermee doe je meer kwaad dan goed. Zeldzaam, maar niet ongezien in onze terraria, zijn problemen/ziektes die opduiken aan het nieuwe exoskeleton. Deze problemen lossen zich, mits ideale omgevingsfactoren, vaak zelf op. Ernstiger is het verlies van giftanden tijdens de vervelling. Breng de spin in slaap en lijm de giftand van het oude exoskeleton op zijn plaats. Heeft de spin slechts 1 giftand verloren en kan ze alsnog haar prooien vangen, dan laat je het beter zo. De verloren giftand zal teruggroeien met de volgende vervelling.

III.2.B. Natte vervellingen                                                                                              

Zoals de naam het aangeeft oogt de spin nat, zwak en kwetsbaar. Buiten het feit dat de voorbereidingen nog niet helemaal waren afgerond toen de vervelling werd ingezet, is er over dit afschuwelijke fenomeen nog erg weinig bekend. Hoezeer zeer uitzonderlijk, hoeft niet elke natte vervelling de dood als gevolg te hebben. Een rapport werd beschreven in “Gabriel, R. 2006. Wet moults don’t always mean death. Journal of the British Tarantula Society, 21 (2): 46-48.” De spin was in staat nogmaals te vervellen na de natte vervelling en overleefde de hele gebeurtenis, gezond en wel.

III.3. Open wonden

Open wonden zijn meestal het gevolg van slecht(e) (ingerichte) terraria, scherpe objecten, instortende structuren en impulsieve angstreacties. Kwekers zien hun volwassen mannetjes wel vaker ernstig gewond terugkeren na een afspraakje met hun deernes. Spinnen genieten bescherming tegen open wonden door de harde structuur van hun exoskeleton. Met uitzondering van enkele families is het opisthosoma zwak. Open wonden aan het opsithosoma zijn dan ook vaak fataal. Verminder de kans op wonden aan het opisthosoma door de spin niet te overvoeden, hoogtes in uw terraria te beperken en door ze niet te hanteren (en al zeker niet op grote hoogtes). Vergeleken met bodembewonende vogelspinnen zullen boombewoners vaker een val overleven. Spinnen die pas verveld zijn en erg impulsief met brandharen strooien werden reeds gezien hun eigen exoskeleton open te snijden. Dit is 1 van de redenen waarom we een spin de nodige rust moeten gunnen na de vervelling. Kleinere open wonden zijn gemakkelijk te verzorgen met bijenwas, bloem of superlijm. De eerder grote wonden verzorgen we op dezelfde wijze, zij het dat de kansen op overleving aanzienlijk verminderen.

In “the Journal of the British Tarantula Society (Maart 2015, 30 (1))” werd het voorval beschreven van een Poecilotheria metallica die tijdens haar vervelling een stuk van haar nieuwe carapace verloren was. De foto’s laten een erg grote open wonde zien, haast 20% van de totale oppervlakte. De spin werd onmiddellijk in een proper krekelbakje gestoken. Substraat werd verwijderd om verdere contaminatie tegen te gaan. Het deel van het oude exoskeleton dat aan het nieuwe carapace was blijven plakken, vertoonde een harde korst. Deze korst werd zorgvuldig verwijderd met zacht zandpapier. Het achterste gedeelte van het oude carapace werd vervolgens zorgvuldig over de open wonde gelijmd zonder dat er lijm in de wonde vloeide. Bij een volgende vervelling een jaar later was het gat verdwenen, al waren de gevolgen nog zichtbaar. De spin leefde gezond en wel.

III.4. Hernia

De term wordt gebruikt voor de accumulatie van haemolymf tussen bepaalde lagen van het exoskeleton. The Journal of British Tarantula Society publiceerde in Maart 2015, 30 (1) het verslag van een Brachypelma albopilosum die na een vervelling een bizarre knobbel (tumor) aan de buikzijde van het abdomen liet opmerken. Laat de interventie over aan een professional. Contacteer een in exotische dieren gespecialiseerde dierenarts.


IV. AMPUTATIE – AUTOTOMIE

Amputatie is het afzetten of bij een ongeval verliezen van een lichaamsdeel. Om het verlies van haemolymf te beperken, is een intensieve verzorging van de wonde noodzakelijk. Kleinere open wonden zijn relatief gemakkelijk te verzorgen met bijenwas, bloem of superlijm. Autotomie is het vermogen van sommige dieren om bewust lichaamsdelen af te werpen als ze worden vastgehouden of aangevallen. Bij reptielen kent iedereen de hagedissen wel die hun staart kunnen afwerpen. Bij geleedpotigen zijn het, naast veel andere dieren, ook spinachtigen die poten kunnen afwerpen. Doorgaans ligt het breukvlak tussen coxa en trochanter. Uitzonderlijk zijn er ook spinnen gekend die poten afwerpen tussen patella en tibia. Bij autotomie wordt de Musculus gracilis (spier) losgerukt om zich vervolgens terug te trekken in het coxa. Samen met andere spieren sluit dit de wonde en wordt het bloeden gestopt. Dit vernuft systeem laat geen littekens achter, waar amputatie resulteert in een stompe opzwelling van haemolymf aan de wonde. Introduceer autotomie door met een lang pincet de femur stevig vast te grijpen, zonder aan de poot te trekken. De spin zal de poot afwerpen. Zelfs bij de minste hulp, kan het wel eens gebeuren dat de spin een poot afwerpt. Let wel dat de spin volledig bij bewustzijn moet zijn om tot autotomie over te gaan. De poot zal met de eerstvolgende vervelling teruggroeien, al heeft het wellicht meerdere vervellingen nodig om in ideale conditie te geraken.


V. ZIEKTEN & ANDERE GEZONDHEIDSPROBLEMEN

V.1. Rectale obstructie 

Bij ontlasting worden de onverteerde voedselresten uit het lichaam verwijderd. Alle dieren met een maag-darmstelsel moeten ontlasten en kunnen hier problemen bij ondervinden. Van zodra de uitwerpselen het lichaam niet kunnen verlaten, wordt het lichaam vergiftigd en zal de spin sterven. Vooral boombewoners, zoals Poecilotheria spp., zijn gekend als slachtoffer. Tot op heden is de exacte aanleiding ongekend, al zijn de slachtoffers vaak obese spinnen. Er wordt evenwel verondersteld dat bepaalde voedingsstoffen, zoals dubias kakkerlakken, rectale obstructie in de hand werken. Hier is echter geen wetenschappelijk bewijs voor. Gaat u de spinnen simpelweg niet overvoeden en neem contact op met een gespecialiseerd dierenarts van zodra rectale obstructie zich voordoet.

V.2. Dyskinetisch syndroom (DKS)

Om een diagnose te kunnen maken van een ziekte of een aandoening zoeken wetenschappers naar een groep symptomen. Voor zolang symptomen afzonderlijk of in relatie tot elkaar mysterieus blijven, wordt de aandoening vaak als een syndroom aangeduid. DKS is om deze reden geen ziekte of aandoening, maar wel een set symptomen waarvan de exacte oorzaak nog onderzocht moet worden. Symptomen gaan van kleine rillingen tot intense en ongecontroleerde spastische bewegingen. Deze bewegingen kunnen zo intens zijn dat de spin in de lucht wordt gekatapulteerd. De spinnen vertonen vaak erg abnormaal gedrag, gaande van afwezigheid tot uiterste prikkelbaarheid. Sommige spinnen werden gezien zich meermaals achter elkaar op de rug te draaien. Niet alle symptomen duiken altijd simultaan op. Na jaren van observatie zijn wetenschappers nog steeds naar de exacte oorzaak op zoek. Chemicaliën (waaronder schoonmaakproducten, luchtverfrissers, pesticiden), mycotoxines (afkomstig van schimmels) en rook staan centraal in het onderzoek, samen met ongezonde leefomstandigheden en stress. Ook de invloed van virussen en andere pathogenen op de symptomen moet niet onderschat worden.

Zolang de exacte oorzaak van DKS onbekend blijft, moeten alle mogelijke factoren worden vermeden om onze spinnen hiervan in de mate van het mogelijke te vrijwaren. Verwijder alle chemicaliën uit de nabijheid van uw spinnen, koop uw prooidieren bij een gerenommeerd verdeler en verzorg omgevingsfactoren die zo dicht mogelijk aanleunen bij de natuurlijke habitat van de spin. Pas op voor rookschade. Houd uw terraria proper met natuurlijke producten. Bioactieve terraria kunnen u hierbij helpen. Daar symptomen van DKS de kop kunnen opsteken door ernstige dehydratatie, is het het proberen waard om de spin voor enige tijd met de monddelen in een ondiep waterbakje te houden (lees meer onder III.1). 

Uiteraard zijn we allemaal erg bezorgd om het welzijn van onze dieren. Voorkomen doen we allemaal in de mate van het mogelijke, zij het dat de problemen zich pas echt stellen als de symptomen de kop opsteken. Wat doen we dan? Bij gebrek aan wetenschappelijk bewijs, is er geen pasklaar antwoord op deze vraag. Waar de ene besluit de spin voorgoed te laten inslapen, probeert de andere het leven tevergeefs te redden. Bij een warmtebehandeling wordt de spin tijdelijk in extreme hitte (tot 50°C) geplaatst. Bij een badkamerbehandeling wordt de spin in haar terrarium in de badkamer geplaatst, terwijl heet water uit de douche stroomt. De hele kamer vult zich met warmte en stoom. Dit wordt herhaald tot de symptomen verbeteren. Wij moedigen geen van beide therapieën aan, daar er onvoldoende wetenschappelijk bewijs is dat dit bevestigt. Vergeet de spin geenszins over te maken aan wetenschappers voor verder onderzoek. Neem contact op met een locale dierenarts.

V.3. Eibinding

Ook wel bekend als “dystocie”, “ei-retentie” en “post-ovulaire stasis”. Met eibinding wordt echter het probleem aangeduid dat de eieren niet aan een normale snelheid voorbij het legsysteem geraakt, terwijl er bij dystocie sprake is van obstructie. Neem de synoniemen dus niet al te letterlijk. Eibinding komt veel voor bij vogels en reptielen (vooral slangen en schildpadden), maar is eerder zeldzaam bij spinnen. De exacte aanleiding is nog onbekend, al wordt verondersteld dat een algemene slechte conditie van de moeder (door ouderdom, slechte voeding, ondervoeding…), een slechte schuilplaats en slechte omgevingsfactoren, verstoringen tijdens het leggen van de eieren, anatomische defecten en/of slecht gevormde eieren er iets mee te maken zou kunnen hebben. Bij vogels die lijden aan eibinding worden vochtigheid en de temperatuur verhoogd. Ook worden ze een constante verse waterbron gegeven. De vogels worden vervolgens geïnjecteerd met oxytocine en arginine vasotocine of ingesmeerd met prostaglandinegel om de reproductieve tractie te induceren. Bij gebrek aan een reproductief systeem zoals bij vogels is deze interventie bij spinnen onmogelijk. Dood is onvermijdelijk dezer dagen. Bied een goed leefgebied, met optimale omgevingsfactoren en met respect voor de levensstijl van de spin. Gun ze de rust die ze nodig heeft, vooral als je een cocon verwacht. Vergeet de spin, dood of levend, geenszins over te maken aan wetenschappers voor verder onderzoek. Neem contact op met een locale dierenarts.


VI. BESMETTELIJKE ZIEKTEN & PARASIETEN

VI.1. Bacteriële infectie 

Bacteriën zijn eencellige micro-organismen en leven in alle mogelijke uithoeken van onze planeet. Waar ze voorkomen, hangt af van de eisen die ze stellen aan hun omgeving, al leeft 90% diep onder de grond. Waar verschillende levensvormen geveld worden door de destructrieve kracht van sommige bacteriën, is elke levensvorm volledig afhankelijk van micro-organismen als bacteriën om te kunnen overleven. Hoezeer vrij weinig bekend is over de microbiële toestand bij spinnen, werden Bacillus spp. reeds vaker opgemerkt als effectieve pathogenen. Bied een goed leefgebied, met optimale omgevingsfactoren, in hetwelk de immuniteit van de spin versterkt wordt. Vuile en onverzorgde terraria passen niet in dit plaatje. Het gebruik van antimicrobiële stoffen in onze terraria moet nog onderzocht worden.

VI.2. Virussen

Onderzoeken gaande. We houden u op de hoogte.

VI.3. Schimmelinfecties & parasitaire schimmels

Torrubiella arachnophila

Schimmelinfecties laten zich opmerken in 2 vormen. Entomopathogene schimmels exploiteren en parasiteren insecten en spinachtigen. Geïnfecteerde spinnen zullen slechts een heel korte periode van anorexie laten zien. De exacte doodsoorzaak zal pas met zekerheid na overlijden kunnen worden vastgelegd. Het is voornamelijk door geïnfecteerde prooidieren aan te bieden dat deze schimmels onze spinnen bereiken. Ophiocordycipitacae is een schimmelfamilie die geleedpotigen infecteert. De schimmel is voornamelijk donker gekleurd en heeft opmerkelijke toppen. Verwar deze schimmel niet met de vaak geziene Leucocoprinus birnbaumii. Inname van deze paddenstoel kan verteringsproblemen, neurologische reacties en zelfs dood met zich meebrengen. Verwijder de paddenstoel onmiddellijk uit uw terraria, daar de spin geïnfecteerd kan geraken door te drinken uit een vergiftigd waterbakje. Verwissel de deksels van uw terraria geenszins. U zou het de sporen kunnen helpen verspreiden over uw terraria. Minder ernstig, maar voornamelijk veroorzaakt door een slechte verzorging, is de opportunistische groei van schimmels op het lichaam van de spin. Extreem vochtige terraria, slechte ventilatie en bedenkelijke hygiëne liggen aan de fundamenten van infectie. Doe het tegenovergestelde om de kans tot infectie te verlagen. In het geval een schimmel op het exoskeleton van de spin groeit, smeert u de geïnfecteerde zone met een wattenstaafje best dagelijks in met Povidonjodium (iso-betadine). Indien de schimmel door het exoskeleton kan groeien, zal het niet lang duren alvorens de dood intreedt. Voorkom een schimmelinfectie van bevruchte eieren door deze van de moeder af te nemen en te incuberen. Let wel dat incubatie niet voor alle soorten aangewezen is. Meer informatie hierover vindt u in onze caresheets. Indien de schimmel zich reeds tot in de cocon heeft genesteld, ben je genoodzaakt om de cocon af te nemen. Verwijder alle geïnfecteerde eieren en incubeer de gezonde. Geïnfecteerde eieren kun je niet redden.

Diversity of the entomopathogenic fungi: Which groups conquered the insect body?

Leucocoprinus birnbaumii.

VI.4. Mijten

Mijten zijn erg kleine geleedpotigen die verwant zijn aan teken. Larven hebben 6 poten. Volwassen mijten hebben 8 poten. Bepaalde types zijn parasitair, anderen zijn saprofytisch, maar de meeste mijten in onze terraria zijn foretisch. Foretische dieren gebruiken andere dieren als transportmiddel. Sommige foretische dieren, waaronder mijten, leven zolang op de gastheer tot ze zich tegoed kunnen doen aan het karkas. Parasitaire mijten zijn in sommige gevallen enkel parasitair als larve, om vervolgens uit te groeien tot vrije jaagdieren. Dit type mijt is meestal terug te vinden op de poten van de spin. In de meeste gevallen zijn de mijten rood van kleur. Saprofytische mijten doen zich tegoed aan organisch materiaal zoals schimmels, bacteriën en planten. In uw strijd tegen dit type mijt, kunnen pissebedden en springstaartjes worden ingezet. Een plaag laat zich opmerken door het plots verkleuren en/of vallen van de bladeren. Bij het vallen van de avond, kun je de mijten vaak tegen de glaswand aan zien lopen. Sommige saprofytische mijten creëren web en zijde zoals spint. Controleer verzwakte spinnen steeds rond de monddelen en de boeklongen, daar het niet ongebruikelijk is dat mijten zich in grote hoeveelheden daar nestelen. Hierdoor kan de ademhaling verstoord worden en kunnen spinnen ernstig verzwakken tot zelfs sterven.

Tarantula mites

Hoewel niet allemaal even goed bevonden, gaan er vele bestrijdingstheorieën de ronde. Sommigen zweren bij het verwijderen van mijten met een in slaolie gedipte borstel. De slaolie kan de openingen in het lichaam van de spin echter aardig afdekken, wat meer kwaad dan goed doet. Dezelfde techniek wordt evenwel toegepast met een in alcohol gedipt penseel. Het voordeel is dat alcohol de lichaamsopeningen niet vult. Anderen plaatsen alsemkruid rondom de kooien, bevriezen of verhitten het substraat of dompelen de spin even onder water. Al deze interventies zijn echter behoorlijk intensief voor zowel spin als hobbyist. Daarenboven is geen van bovenstaande strategieën helemaal succesvol. In het geval de infectie relatief klein is, kan het helpen om het substraat volledig te laten uitdrogen en dit trucje toe te passen (foto).

Imkers gebruiken oxaalzuur om de parasitaire mijt Varroa destructor te bestrijden. Varroa destructor is een absolute pest voor imkers, daar de mijt zich enkel kan voortplanten in een kolonie honingbijen. Het gebruik van oxaalzuur in onze terraria is geen optie, daar ook onze spinnen deze ingreep niet zouden overleven. Volgens een gerenommeerd imker uit België zou thymol, een natuurlijk bestanddeel van honing en gebruikt om bijenkorven te desinfecteren, kunnen worden gebruikt in onze terraria. Dit wordt verkocht als strips onder de naam ‘thymovar’ of ‘apivar’.

De natuur zou echter de natuur niet zijn, mocht er geen effectieve natuurlijke bestrijdingsmethode bestaan. Roofmijten, waaronder Hypoaspis miles en Phytoseiulus persimilis zijn vrijlopende mijten die zich tegoed doen aan insecten, nematoden en andere bodemorganismen. Bij temperaturen tussen 15-28°C jagen ze de voor de vogelspin ongewenste mijten achterna, om bij voedselschaarste vervolgens elkaar op te eten. Bij hogere of lagere temperaturen gaan de mijten in rustmodus en betekenen ze dus geen meerwaarde in uw terraria. Van zodra temperaturen onder 5°C uitkomen, zullen de (roof)mijten sterven. Volg de instructies van de verdeler om roofmijt uit te zetten (refona).

Voorkomen is beter dan genezen. Houd uw terraria proper. Verwijder voedselresten en dode dieren. Was de uitwerpselen van de ramen en koop uw prooidieren bij gerenommeerde verdelers. Zet springstaartjes en pissebedden in uw eerder vochtige terraria, maar niet binnen de eerste 3 maanden nadat je de roofmijt hebt uitgezet. Controleer het substraat onder de waterbakjes wekelijks op broeihaarden.

Mites parasitic on spiders.

Phoretic mites associated with animal and human decomposition.

Necromenic lifestyle of Histiostoma polypori (Acari: Histiostomatidae).

VI.5. Vliegen

Diptera info

VI.5.A. Phoridae

Bochelvliegen (Phoridae) zijn een familie uit de orde van de Diptera die nogal gemakkelijk verward worden met fruitvliegen (Drosophilidae). Fruitvliegen zijn onschuldig, bochelvliegen zijn dat niet. Beiden kunnen gemakkelijk van elkaar worden onderscheiden aan de kleur van de ogen. Bochelvliegen hebben donkere ogen, zijn zwart of bruin (soms gelig) en groeien tot 0,5-6mm. Fruitvliegen hebben rode ogen. De thorax van bochelvliegen is gebocheld. Er wordt verondersteld dat bochelvliegen schimmel-, bacteriële – en virale infecties verspreiden. Ook worden ze gezien als 1 van de vectoren van mijt- en/of nematodeplagen (lees meer over mijten in VI.4. en over Phoridae in hoofdstuk VI.5.A.). Voorkom dat bochelvliegen zich over uw terraria kunnen verspreiden door alle luchtgaten af te spannen met fijn gaas. Megaselia scalaris komt het vaakste voor in onze terraria. De larven voeden zich met een variëteit aan vochtig en rottend organisch materiaal, waaronder ook karkassen en voedselresten. In extreme gevallen zijn ze te vinden in open wonden en spijsverteringsstelsels. Zonder echt wetenschappelijk bewijs te hebben, is men het er vrijwel allemaal over eens dat vele sterfgevallen in onze terraria een direct gevolg zijn van de aanwezigheid van de larven van bochelvliegen. Verwijder zorgvuldig geïnfecteerde zones uit het terrarium. Verhuis de spin als de plaag te groot was. Maak uw terraria minder aantrekkelijk voor bochelvliegen door alle voedselresten en karkassen onmiddellijk te verwijderen. Houd de ramen proper. Plaats vleesetende planten en/of vliegenvangers rond uw terraria. Ook kun je proberen een kleine val te maken. Maak met een warm mes een inkeping tot halverwege de afgesloten tube. Vul de tube met een mix van honing, water, pollen en een druppeltje zeep. Zet de tube enkele uurtjes in de zon alvorens deze nabij uw terraria te plaatsen. Met een beetje geluk ben je er enkele te slim af. (video)

Scuttle flies: The Phoridae.

Phorid flies

VI.5.B. Acroceridae

Spinvliegen (Acroceridae) zijn een familie uit de orde van de Diptera en genoemd naar het feit dat de larven spinnen parasiteren. De vliegen zijn eerder zeldzaam, relatief groot en vertonen een gebochelde thorax. De vliegen opteren een semi-tropische omgeving. Vele soorten imiteren bijen, wespen of kevers. De larven banen zich een weg in het lichaam van de spin langs de boeklongen. Meerdere larven kunnen 1 spin parasiteren. Van zodra een larve instar 4 heeft bereikt, doet het zich tegoed aan de ingewanden van het opisthosoma. Nadien vecht het zich een weg naar buiten om te verpoppen. Dood is het logische gevolg. Voornamelijk wildvangdieren werden als slachtoffer gerapporteerd. Vernietig de pop alvorens de vlieg zich kan ontpoppen.

Jewelled spider flies of North America: a revision and phylogeny of Eulonchus Gerstaecker (Diptera, Acroceridae).

VI.5.C. Maden

Met de term “maden” worden de larven van vliegen bedoeld. We treffen ze meestal kleiner dan een cm aan, zij het dat ze (afhankelijk van de soort) gerust tot 2cm groot kunnen zijn. Na 3-5 dagen te hebben gegeten, veranderen de larven in een cocon voor 2-5 weken, om nadien te ontpoppen tot vliegen. Ze eten 3-5 dagen aan 1 stuk door, wat verklaart waarom ze altijd kunnen worden aangetroffen nabij oud of rottend voedsel, dode dieren en andere broeihaarden. Preventief werkt een proper terrarium het beste. Draag dezelfde zorg voor uw prooidieren. Gezonde prooidieren zijn van cruciaal belang om maden uit uw terraria te houden. Spiegelkevers (familie Histeridae) voeden zichzelf met de larven van vliegen (Diptera spp.), al zouden ze in staat zijn uw spin schade toe te brengen. Verwijder de geïnfecteerde zone met een lang pincet en/of een lepel. Verhuis uw vogelspin naar een ander terrarium als de plaag te groot was. Incubeer de cocon of breng ze samen met de moeder in veiligheid.

VI.6. Wespen

De kans dat onze in gevangenschap gehouden spinnen te maken krijgen met wespen is erg klein. De dieren sterven een gruwelijke dood, zij het dat dit niet altijd het geval hoeft te zijn. Een vogelspin uit de familie Harpactirinae (Harpactira pulchripes) overleefde een wespensteek na intensieve manuele behandeling door een gedreven hobbyiste. 

Levensloop van een ectoparasiet (Hymenoptera) op Tetragnatha Montana (Araneae, Tetragnathidae).

Pepsis


VII. Nematoden & nematomorphae

Nematoden zijn veelal microscopisch kleine draadvormige meercelligen. Het woord werd afgeleid van het Griekse woord “nema”, hetwelk “draad” betekent. Hoezeer hun lichaamsbouw structureel erg simpel zijn, hoeft dit niet te betekenen dat nematoden primitieve dieren zijn. Mede omwille van diens doeltreffendheid, zijn nematoden eerder het resultaat van een staaltje vernuftige evolutie. Sommige nematoden doen zichzelf tegoed aan schimmels, bacteriën of planten, waar anderen rasechte carnivoren of omnivoren zijn. De meerderheid van de nematoden is niet parasitair, al dragen ze allemaal op hun manier hun onmisbaar steentje bij om een gezond en evenwichtig ecosysteem te behouden. De aan- of afwezigheid van verschillende nematoden in uiteenlopende omgevingen wordt als indicatie gezien van de kwaliteit van het milieu. Dit gezegd zijnde, zijn het voornamelijk de (gedeeltelijk) parasitaire nematoden die levende fauna parten speelt. Geleedpotigen en ongewervelden, waartoe onze spinnen behoren, werden reeds vaak als slachtoffer gerapporteerd. Vele nematoden die zich op/aan/in een variëteit aan dieren bevinden, gebruiken deze slechts om een geschikte gewervelde gastheer te vinden (mensen inclusief). 

Phylogenetic and functional classification of nematodes.

VII.1. Panagrolaimidae

Veel Panagrolaimidae (phylum Nematoda, orde Rhabditida, suborde Tylenchina) voeden zich met bacteriën. Deze nematoden zijn eerder klein (0,5mm-3mm), worden aangetroffen in een grote variëteit aan plaatsen en zijn in staat extreme weersomstandigheden te overleven. Desalniettemin treffen infecties vooral de eerder vochtige en goed geventileerde terraria. Zowel wildvang- als in gevangenschap gekweekte dieren vallen ten prooi. Infecties beperken zich tot de monddelen (incl. gifkaken) en worden vaak geassocieerd met bacteriële infecties van omliggend weefsel. Initieel zal de spin symptomen van anorexia en lethargie vertonen, eventueel gepaard gaand met een instabiele houding en een opvallend grote webgedrevenheid (BTS; February 2007, 22 (2) page 50). Controleren op infectie kan gemakkelijk met een vergrootglas. Bij ernstige twijfel, zult u de spin in slaap moeten brengen (lees ook: Anesthesie, hoofdstuk II.) en de monddelen moeten spoelen, waarna u de vloeistof (aangereikt met een zoutoplossing (saline)) microscopisch bestudeert. Steriliseer de monddelen met een druppel alcohol. In de latere fasen van infectie, laat een dikke witte massa nematoden zich opmerken aan de monddelen en tussen de gifkaken. Daar Panagrolaimidae nauw verwant zijn aan de parasieten die op kevers voorkomen, wordt aanbevolen om gedurende een nematodenplaag geen meelwormen te voeden. Verdeel overlevende prooidieren niet over andere terraria. Isoleer geïnfecteerde spinnen en zwangere dames onmiddellijk. Verwijder de bochelvliegen (lees meer over Phoridae in hoofdstuk VI.5.A.) uit de terraria en dek de verluchtingsgaten af met een extreem fijn raster, zodat ze niet meer in of uit de terraria kunnen. Er wordt verondersteld dat bochelvliegen primaire vectoren van nematoden zijn, en vice versa. Ze zijn in staat een volledige collectie in enkele dagen te infecteren als je niet snel handelt. Inspecteer de monddelen (incl. gifkaken) alvorens je beslist een spin uit quarantaine (isolatie) te halen. Bescherm uzelf ten alle tijde met handschoenen en een intensieve hygiëne. Desinfecteer alles grondig met warm zoutwater (kijk hier voor een hygiëneplan). Neem bij een nematodenplaag onmiddellijk contact op met een dierenarts en volg diens instructies. Handelen is de boodschap, beter gisteren dan vandaag. 

In “the Journal of the British Tarantula Society (February 2007, 22 (2))” werd een succesvolle behandeling gepubliceerd. Voorgaand aan de behandeling heeft de hobbyist de monddelen gespoeld en gesteriliseerd met een druppel van 98% alcohol. De spinnen werden geïsoleerd (quarantaine) in licht gekantelde polystyreenboxen. Met de kennis dat nematoden inactief worden onder 12°C en boven 36°C, hield de hobbyist de geïnfecteerde spinnen voor 5 dagen bij 38°C. De spinnen werden dagelijks 2x van vers water voorzien en de boxen proper gehouden. Na 5 dagen 38°C, werden de spinnen een soort rustperiode van 10 dagen bij 22°C gegund, alvorens een nieuwe warmtesessie van 5 dagen 38°C in te richten. 4 maanden later stierf 1 spin (Grammostola rosea, een spin die van nature eerder koele oorden opzoekt). 6 andere spinnen overleefden de sessies en bleven volledig symptoomvrij. Hoezeer succesvol werd deze methode nog geen wetenschappelijk kader toegekend. 

In een tweede geval (december 2016) behandelde een hobbyist zijn geïnfecteerde dieren met Noromectin, 1,87 Ivermectin orale pasta voor paarden. 1 spin moest hij euthanaseren, naar eigen zeggen omdat de innerlijke schade te groot was. De andere spin, een halfwas Xenesthis sp. blue was symptoomvrij na 10 dagen. 3 weken na de eerste sessie werd een tweede dosis gegeven. De hobbyist bevestigde een maand later dat de spin volledig hersteld was en normaal gedrag vertoonde (link).

VII.2. Mermithidae

Mermithidae (phylum Nematoda, orde Mermithidae) betreft een groep nematoden die Arthropoda en Mollusca parasiteert. Ze worden vaak verward met Paardehaarwormen (Nematomorphae) en vice verca. Het verschil schuilt hem echter in het feit dat Mermithidae niet over een cloaca beschikken. De meeste Mermithidae werden gezien in insecten en in mindere mate spinnen. Infectie wordt waarschijnlijk veroorzaakt door opname via prooidieren. Mermithidae zijn eerder zeldzaam in onze terraria. Vooral wildvangdieren werden als slachtoffers gerapporteerd. Daar de worm zich in het abdomen van de spin nestelt en groeit, kan het opisthosoma zichtbaar groot en/of misvormd zijn. In sommige gevallen is de afdruk van de worm zichtbaar doorheen het cuticula. Ook kunnen pedipalpen misvormd en poten zichtbaar korter zijn. Geïnfecteerde dieren vertonen abnormaal gedrag en geven vaak aldoor de indruk water op te zoeken. Koop uw prooidieren bij gerenommeerde verdelers. Voeder geen prooidieren die je in het wild vangt. 

Mermithid parasites of spiders and harvestmen.

Heydenius araneus n. sp. (Nemathoda: Mermithidae), a parasite of a fossil spider, with an examination of helminths from extant spiders (Arachnida: Araneae).

VII.3. Nematomorphae

Nematomorphae (phylum Nematomorphae) zijn parasitaire dieren, vergelijkbaar met nematoden, die vooral worden aangetroffen in vochtige plaatsen zoals rivieren en beken. De volwassen dieren leven vrij in de natuur. Larven parasiteren geleedpotigen. Met lengtes tot 2 meter zijn sommige Nematomorphae wel erg lang. Behandelingen trachten nematoden naar buiten te krijgen via de ontlasting, gevolgd door een injectie van zoutoplossing (saline) bij de ernstig gedehydrateerde dieren (lees meer over dehydratatie onder III.1.). Een professionele benadering is noodzakelijk om misschien succesvol te kunnen zijn. Neem contact op met een in ongewervelden gespecialiseerd dierenarts en volg de instructies.


VIII. MEER LITERATUUR

• Over natte vervellingen: Gabriel, R. 2006. Wet moults don’t always mean death. Journal of the British Tarantula Society, 21 (2): 46-48.

• Over open wonden: Journal of the British Tarantula Society (Maart 2015, 30 (1)).

• Over abdominale hernia: Journal of British Tarantula Society (Maart 2015, 30 (1)).

• Over Panagrolaimidae: Journal of the British Tarantula Society (Februari 2007, 22 (2)).

Invertebrate medicine.

Medical insects and arachnids


IX. COPYRIGHT

Speciale dank gaat uit naar Mark Alexander Eichelmann (arachnomedicine.de), Milos Anic, Patrick Meyer (poeci1.de, facebookpagina), Sam Luyten, Ivo Janevski en Danniella Sherwood. Dank jullie voor uw tijd werk en geduld. Dank u om uw kennis en ervaring met de hobby te willen delen. 

• Tekst: Dennis Van Vlierberghe (facebookgroep en –pagina)

• Fotografie: Katja Schulz (flickr), Andreas Beier (facebookpage)